Bokeh: spelen met onscherpte in de fotografie
Bokeh is een veelgebruikte term in de fotografie en verwijst naar de esthetische kwaliteit van onscherpte in een foto. Vooral bij portret-, straat- en natuurfotografie wordt bokeh bewust ingezet om het onderwerp los te maken van de achtergrond. Of juist een beeld te creëren met volledige bokeh of voorgond-bokeh. Door te spelen met scherptediepte en licht ontstaat een zacht, dromerig en vaak karaktervol beeld.

Wat is bokeh?
Bokeh (uitgesproken als boh-keh) komt uit het Japans en is afgeleid van boke, wat ‘wazig’ of ‘onscherp’ betekent. In fotografie verwijst bokeh niet simpelweg naar onscherpte, maar naar hoe die onscherpte eruitziet. Met andere woorden: twee foto’s kunnen een onscherpe achtergrond hebben, maar toch een heel verschillend bokeh-karakter.
Bokeh wordt vooral zichtbaar in de achtergrond van een foto, waar lichtpunten veranderen in zachte cirkels, ovalen of andere vormen. De kwaliteit van die vervaging wordt beïnvloed door de lens, het diafragma en de afstand tussen onderwerp en achtergrond.
Het ‘bokeh-effect’
Het bokeh-effect verwijst meestal naar de manier waarop lichtbronnen in de onscherpte worden weergegeven. Denk aan straatverlichting in de avond, zonlicht dat door bladeren heen schijnt of reflecties op water. Deze lichtpunten vervagen tot ronde of soms grillige vormen, wat het beeld een dromerig en bijna schilderachtig karakter kan geven. Niet elke lens geeft hetzelfde effect. Daardoor kan bokeh een belangrijk esthetisch criterium zijn bij het kiezen van een lens.
Bokeh is technisch gezien de kwaliteit/karakteristiek van de onscherpte, en niet een effect dat je aan- of uitzet.
Hoe maak je een foto met bokeh?
Het creëren van bokeh is minder ingewikkeld dan vaak wordt gedacht, maar vraagt wel om bewuste keuzes in instellingen en compositie.
- Groot diafragma
Een groot diafragma helpt om een kleine scherptediepte te creëren. Hoe lager het f-getal, hoe groter de opening van het diafragma en hoe kleiner de scherptediepte, bij gelijkblijvende overige omstandigheden. Lenzen met een groot maximaal diafragma, zoals f/1.4, f/1.8 of f/2.8, maken het makkelijker om een kleine scherptediepte en uitgesproken bokeh te creëren.
- Afstanden
Hoe groter de afstand tussen je onderwerp en de achtergrond, hoe sterker de onscherpte wordt. Plaats je onderwerp daarom niet vlak voor een muur, maar laat ruimte achter het onderwerp voor een zachtere vervaging.
Ook de afstand tussen camera en onderwerp is relevant. Als je dichter bij je onderwerp komt, wordt de scherptediepte kleiner en neemt de achtergrondonscherpte toe.
- Let op lichtbronnen
Bokeh komt het mooist tot zijn recht wanneer er kleine lichtbronnen in de achtergrond aanwezig zijn. Denk aan kerstverlichting of lampjes, zonlicht dat door bladeren valt, reflecties op water of natte oppervlakken. Door bewust naar dit soort licht te zoeken, versterk je het bokeh-effect aanzienlijk.
Voorgrond bokeh
Bokeh hoeft niet alleen achter je onderwerp te ontstaan. Door een object dicht voor de lens te plaatsen en daarop onscherp te laten worden, kun je ook op de voorgrond een zachte waas of lichtvlekken creëren. Dat kan extra diepte aan een foto geven en de aandacht sterker naar het onderwerp leiden. Experimenteer bijvoorbeeld met bladeren, bloemen of lichtjes vlak voor de lens. Zo kun je ook een volledige bokeh creëren met volledige onscherpte in een beeld.
Bokeh als creatief middel
Bokeh is een compositiemiddel. Door de achtergrond (of voorgrond) onscherp te maken, leid je de aandacht van de kijker naar het hoofdonderwerp. Tegelijk kan de onscherpte sfeer, rust of juist dynamiek toevoegen aan het beeld. Het loont daarom om te experimenteren met verschillende lenzen, afstanden en lichtsituaties om te ontdekken welk bokeh-karakter het beste bij jouw stijl past.
