Pf #4 over straat, stad en landschap
Pf#4 staat in het teken van de visuel verbeelding van onze omgeving, via veschillende vormen van fotografie, zoals straatfotografie , stadsbeelden en landschappen. Juist de alledaagse dingen waaraan we vaak voorbij lopen blijken interessant om te fotograferen.

Uit het redactioneel van de hoofdredacteur:
Visuele verbeelding van onze leefomgeving
Straatfotografie is een populair genre, evenals landschapsfotografie. Beide vormen van fotografie kunnen worden gezien als een visuele verbeelding van onze leefomgeving. De fotograaf bestudeert zijn omgeving, weegt af wat interessant is voor een foto en ontwikkelt een strategie voor zijn werkwijze, stijl en onderwerpkeuze. Daarbij verbeeldt hij of zij de leefomgeving, waarbij de kale werkelijkheid wordt vermengd met de subjectieve visie van de kunstenaar.
In dit nummer laten we uiteenlopende werken zien van fotografen die de plekken onderzoeken waarin wij dagelijks leven, maar die we doorgaans niet meer bewust waarnemen. Soms gaat het om de vluchtige dynamiek van de straat, soms om het stille karakter van een landschap, maar steeds om de vraag hoe een omgeving betekenis krijgt door het oog van de fotograaf. De Nederlandse beelden zijn niet alleen een reflectie van het land waarin we leven, maar laten ook zien hoe wij daar kritisch naar kunnen kijken. Het vaak onopgemerkte decor wordt door fotografen zichtbaar gemaakt als een op zichzelf staand verhaal, dat ons bewust maakt van de schoonheid, maar ook niet zelden van de absurditeit van de plek die wij als ons thuis ervaren.
Harry Cock, de fotograaf van het noorden, is de verslaggever van wat hij de reddende alledaagsheid noemt: elementen in het vlakke landschap waar menigeen aan voorbijloopt, zoals de onogelijke, artificiële heuveltjes in zompige weilanden. Jan Koster is de chroniqueur van het door de hardwerkende Nederlander gemaakte landschap, waarbij hij vooral een scherp oog heeft voor de absurde taferelen die zich afspelen langs de viaducten van de snelweg. B.V. Nederland als schepper van ons landschap en stadslandschap. Martin de Bock keek met een scherpzinnige knipoog naar zijn eigen achtertuin, het Limburgse grensgebied. Hij fotografeerde louche dansclubs in een kaal landschap, een versleten stoel langs de weg en troosteloze dorpsgezichten. Philip Lüschen pakte het systematisch en conceptueel aan. Hij fotografeert geen spontane straattaferelen, maar ruimten die ons gedrag en wellicht ons wereldbeeld kunnen beïnvloeden. Loek Buter zocht mensen op die in een oude vuurtoren zelfvoorzienend buiten de bewoonde wereld wonen. De landschappen tonen een nostalgische schoonheid, maar het blijkt ook een kwestie van hard werken om in harmonie met de natuur te leven. Julie Hrudová laat op een humoristische manier Amsterdam zien. Ze ziet een lopende stapel kratten, een hoofd die uit een fietstas steekt en een paar rijdend op de fiets door de nachtelijke en regenachtige hoofdstad. Tevens brengen we het werk van twee straatfotografen: Richard Koek, die de straten in New York en Tokio afstruinde, en Timothy Luza, die rond Amsterdam zijn werkterrein heeft.
Laat de zomer maar beginnen. Neem je camera mee als je op reis gaat en hou vooral je fotografische ogen open voor de markante en merkwaardige eigenaardigheden van de plekken die je bezoekt.
Bij de cover
De coverfoto is van onze noordelijke fotograaf Harry Cock. Hij werkte jarenlang voor de Volkskrant om nieuwsfoto’s en portretten te maken, maar in zijn vrije tijd trekt hij eropuit om zijn omgeving te verkennen. Juist de verstilde landschappen en bevreemdende taferelen wisten zijn blik te vangen. Zelf zegt hij over deze foto: “Het rauwe van oostelijk Groningen blijft mij trekken. Hier in het dorpje Westerbroek, langs het Winschoterdiep, vlak bij Hoogezand, zag ik in 2018 langs de weg auto’s die een droom vertegenwoordigen en langzaam in het groen vastgroeien.”
Ton Hendriks
