terug

Venster

Hoofdredacteur Edie Peters
Hoofdredacteur Edie Peters

In de fotografie – en dan vooral in de fotojournalistiek – wordt vaak gediscussieerd over manipulatie. Dan gaat het meestal om het toevoegen of verwijderen van beeldelementen. Die discussie is natuurlijk belangrijk. Maar iedereen die wel eens heeft doorgedacht over fotografie moet tot de conclusie komen dat het medium manipulatief geboren is. Fotografie is de kunst van het weglaten. Robert Capa richtte zich in 1936 op de vallende soldaat en niet op het brede Spaanse heuvellandschap waarin de ongelukkige man zich bevond. Nick Ut fotografeerde in 1972 het napalmmeisje en andere kinderen uit het gebombardeerde Zuid-Vietnamese dorp niet goed genoeg, waarna zijn beeld zo werd aangesneden dat een persfotograaf eruit verdween. Aldus ontstond een wereldfoto.

Natuurlijk is er niets mis met weglaten, zeker niet zolang je doel oprecht is. Uiteindelijk is alle fotografie bij elkaar een goede verbeelding van hoe de mens naar zijn omgeving kijkt. Soms van veraf, soms wat dichterbij, soms ergens met de neus bovenop. We zien wat we willen zien. Zo vlak voor de vakantieperiode komt P/f met een themanummer over reisfotografie. We hadden een overweldigend beeld uit een interessant land op de cover kunnen zetten. Maar we kozen voor het venster van een vliegtuig, gezien en gefotografeerd door Mark Horn, die verderop aan het woord komt en in het Portfolio wél een aantal overweldigende beelden uit interessante landen laat zien. Deze coverfoto is een ideaal beeld voor die plek. Het is simpel en toch vertelt het een hoop. Zie het als het kijkvenster van de fotograaf op de wereld. Kijken vanuit het donker naar een zee van licht. Nee, geen “Reis naar het einde van de nacht”, zoals Louis Ferdinand Céline het menselijk bestaan hard en cynisch beschreef, en evenmin een reis naar “The Heart of Darkness” van Joseph Conrad. Hoe langer ik kijk, hoe meer ik moet denken aan het laatste deel uit Stanley Kubricks film 2001, A Space Odyssey: de ruimtevaarder gaat de dood tegemoet in een lange tunnel van licht en reïncarneert als een foetus.

Maar goed, dat denk ík. Anderen hebben er vast andere gedachten over. Feitelijk zien we niet meer dan een vliegtuigraam. Voor veel reizigers het begin of het einde van een tocht. Daar geniet ik het meest van: eenvoudige beelden zonder poespas die veel ruimte openlaten voor eigen gedachten. En onderwijl dankbaar dat een fotograaf dat hele kleine onderdeel van het menselijk bestaan is opgevallen. Het raakt me eventjes. Ik ben er blij mee. Het is nog vroeg, maar ik verheug me al op mijn zomervakantie.

Edie Peters
hoofdredacteur P/f

Tags: Column

Bekijk ook deze items