terug

Van der Vlugts ‘Buds’ zit vol symboliek

Cover BUDS Marcel van der Vlugt met Emily 11, 2014
Cover BUDS Marcel van der Vlugt met Emily 11, 2014

De liefde voor bloemen zit eigenlijk in z’n genen. Of, zoals hij het zelf verwoordt: zijn vader en grootvader hebben het zaad in de geboortegrond gepland, waaruit hij is ontsproten. En dat is gelijk de uitleg voor de keuze van de titel ‘Buds’ , knoppen en kiemen, van zijn boek en de gelijknamige expositie, die nu in de Ingrid Deuss Gallery in Antwerpen te zien is. Een gesprek met fotograaf Marcel van der Vlugt over de symboliek van een zeer persoonlijk werk.
“Ik ben opgeroeid in het Westland, het gebied van bloemenkwekers en groententeelt. Mijn ouders hadden een fotowinkel en – studio in Naaldwijk. Mijn vader maakte foto’s voor verschillende bedrijven, maar ook particulieren. Een opdracht die jaarlijks terugkwam was het fotograferen van de prinsessen van het bloemencorso. In Naaldwijk was er naast aandacht voor bloemen ook aandacht voor groenten en fruit. Tijdens het Druivenfeest in augustus, waar het corso deel van uitmaakte, fotografeerde mijn vader de druivenprinsessen. Dat heeft hij vijftien tot twintig jaar gedaan. Ik zat er middenin. Dat heeft de liefde voor bloemen vast aangewakkerd.”
Maar niet alleen via zijn vader ontstaat de link met bloemen. “Mijn grootvader was tulpenbollenkweker in Sassenheim, een echt bollengebied. En mijn overgrootvader pachtte land op de plek waar nu de Keukenhof ligt.”
The mourning after, 2014. Foto Marcel van der Vlugt
The mourning after, 2014. Foto Marcel van der Vlugt

In het ouderlijk huis waren altijd bloemen te vinden. Zijn vader maakte zelfs foto’s van bloemen in opdracht voor kwekers, wanneer ze een nieuwe soort hadden gevonden. De eerste foto van Van der Vlugt van bloemen laat echter nog jaren op zich wachten. Tot de zomer van 1990. “Er stond een bos anthuriums in de vaas. Die bloemen kunnen heel lang staan, tot wel zes weken. Maar deze waren al een beetje verdord en gingen verkleuren. Waar anderen de bloemen zouden weggooien, was het voor mij het moment om te gaan fotograferen.”
Zo begon op een goede zondagochtend een traditie, waarbij Van der Vlugt foto’s maakte met een 8x 10 Polaroid film. In het begin koos hij voor anthuriums maar later kwamen daar andere bloemen bij. Telkens fotografeerde hij de bloemen op het moment dat ze gingen verdorren en verkleuren, het hoogtepunt van de bloei al voorbij. Ook maakte hij beelden met naakte modellen. Soms in samenspel met de bloem om samen te zorgen voor een spannender beeld. In andere gevallen hield de bloem de hoofdrol.
The legend  of the orange hibiscus, 2011. Foto: Marcel van der Vlugt
The legend of the orange hibiscus, 2011. Foto: Marcel van der Vlugt

“De foto’s waren in het begin beschouwend, bijna documentair. Later werden ze meer abstract. Soms zie je alleen details, een stengel en een mond.” De bloemen roepen een bepaalde sfeer op, lijken een eigen karakter te hebben. De ene keer verlegen, de andere keer verleidelijk en met de modellen erbij erotiserend. Had Van der Vlugt bij het zien van de bloem direct een idee welk karakter of sfeer hij het beeld moest meegeven? “Zoiets ontstaat tijdens het fotograferen. Op de foto zie je dingen waar je aan voorbij gaat wanneer je de bloem in een vaas op tafel ziet staan.”
De foto’s in het boek zijn zorgvuldig uitgekozen en gesorteerd. “De foto’s in het boek zijn gerangschikt op kleur. Van wit, bijna doorzichtig naar heel kleurrijk. In het midden van het boek is heb je een explosie van kleur, daar zitten ook uitklapbladen. Vervolgens verdwijnt de kleur, wordt het beeld steeds donkerder, tot bijna zwart. Met deze kleurkeuze krijgt het boek de symboliek van de loop van leven naar dood. Maar dat is niet de enige diepere laag die te vinden is in het boek.
Strelitziae reversae,  1993-2000. Foto: Marcel van der Vlugt
Strelitziae reversae, 1993-2000. Foto: Marcel van der Vlugt

In het boek zijn alleen foto’s te vinden van gecultiveerde bloemen. Een madeliefje zou om die reden niet passen. De foto van de donkere tulp, in het boek ook aan het einde, symboliseert tevens de lange zoektocht van kwekers naar hoe een zwarte tulp te kweken. Elke bloem in het boek is gecultiveerd, gekweekt door de mens en er kleeft dus een geschiedenis aan.
Het boek heeft voor Van der Vlugt een grote persoonlijke betekenis. “Toen ik bezig was met het uitzoeken van foto’s voor het boek overleed mijn vader. Ik was al een heel eind gevorderd fotoselectie, maar voor mijn gevoel ontbrak er nog iets aan. Ik heb de rouwboeketten voor mijn vader meegenomen naar mijn studio en daaruit bloemen gekozen als eerbetoon aan mijn vader. Het zijn foto’s geworden met modellen, vrouwelijk naakt, iets wat mijn vader niet snel zou doen. Het is mijn visie op schoonheid, sensualiteit. De combinatie van bloemen en de modellen levert een mooie spanning op in de foto’s.” Deze foto’s maakte hij met zijn laatste voorraad van 8×10 Polaroid materiaal. “Het laatste vel is gebruikt voor de coverfoto van het boek.”
Rose 225 2002, Foto: Marcel van der Vlugt
Rose 225 2002, Foto: Marcel van der Vlugt

En zo is de cirkel rond, komen verschillende symbolieken samen. De tentoonstelling Buds is in Antwerpen te zien tot 20 december. Het boek is uitgegeven bij Lecturis en is te verkrijgen in de boekhandel en via www.lecturis.nl.
Poppy 52, 1996. Foto: Marcel van der Vlugt
Poppy 52, 1996. Foto: Marcel van der Vlugt