terug

Tien jaar podiumfotografie door Anna van Kooij

Beyond
Beeldenpark Leidsche Rijn
2009
© Anna van Kooij

Theater en fotografie zijn voor Anna van Kooij al van jongs af aan een belangrijk onderdeel van haar leven. Haar ouders namen haar vaak mee naar (klassieke) concerten, ballet en opera en ze liep als klein meisje al te fotograferen. Een carrière als fotograaf lag voor de hand. Dat ze zou jubileren met als specialisme podiumkunsten, dat had Anna van Kooij weer niet verwacht. Na tien jaar theaterfotografie is ze er nog lang niet op uit gekeken. Integendeel, ze weet dat dit de fotografie is die bij haar past. “Ik geloof in het zelf selecterend mechanisme. Als je iets heel erg leuk en mooi vindt en er blij van wordt, dan kun je daardoor goede foto’s maken. En als je goede foto’s maakt, wordt je opnieuw gevraagd en zo gaat het door.”
De carrière van Anna van Kooij begint als portretfotograaf voor een aantal tijdschriften. Een logische zet, omdat ze bij de aki (tegenwoordig ArtEZ) in Enschede afstudeerde met een portretserie. Als ze naar Utrecht verhuist vanwege het werk, gaat ze als vrijwilliger werken in een klein theater in de stad. Het is voor Anna een manier om mensen te leren kennen én theatervoorstellingen te zien. “Op het prikbord hing een briefje waarop een theatergezelschap vroeg om een vormgever. Daar heb ik op gereageerd en ben voor hen posters gaan maken, waarvoor ik de vormgeving en de fotografie deed. Later ben ik ook scènefoto’s gaan maken en via via ben ik in 2003 bij Springdance terecht gekomen. Toen ontdekte ik dat ik hier wel verder mee wilde.”
Tijdens de studie had je nog niet het idee dat je theaterfotografie wilde doen?
“De aki leidt je op tot een autonoom kunstenaar. Ik heb tijdens die hele studie er nooit aan gedacht dat ik theaterfotograaf wilde worden. Daar was ik niet mee bezig. Het is gaandeweg ontstaan.”
Oorkaan
Ulrike Quade – Lisa’s grote reis
2009
© Anna van Kooij

Autonome fotografie staat toch vrij ver van de toegepaste fotografie die jij nu doet.
“Absoluut. Je krijgt wel de technische basiskennis tijdens de opleiding, maar dat waren een paar korte lessen. De rest van de opleiding gaat over concept en dat soort zaken. Je leert dus niet met opdrachtgevers om te gaan of een bedrijf te runnen.”
Hoe sluit je opleiding dan wel aan bij wat je nu doet?
“Voor mij was die opleiding op dat moment gewoon wat ik zocht. Ik wist al heel vroeg dat ik naar de kunstacademie wilde. Niet met als doel kunstenaar te worden, want ik heb altijd wel geweten dat ik beroepsfotograaf wilde worden niet per se kunstenaar. Maar de vrijheid op de academie kon ik toen heel goed gebruiken. Maar het sluit nauwelijks aan bij wat ik daarna heb gedaan.”
Maar heeft die vrijheid ook niet geholpen in je werk nu?
“Omdat het daar zo vrij is, moet je zelf veel discipline hebben. Ik leerde al heel vroeg de discipline te hebben om elke dag aan het werk te gaan ook al zit niemand op je werk te wachten. Dat heeft me enorm geholpen. Ik heb op de aki echt wel geleerd om door te pakken en op mijn eigen benen te staan.”
Hoe verliepen de eerste jaren na je opleiding? Je bent gaan fotograferen voor onder andere Quote, maar je had neem ik aan niet gelijk voldoende inkomsten.
“Ik heb vier jaar lang de WIK (de inmiddels opgeheven Wet Inkomensvoorziening Kunstenaars, red.) gehad. Daarmee had ik een minimaal basisinkomen, waardoor ik rustig mijn loopbaan op kon bouwen. Na die vier jaar had ik mijn apparatuur bij elkaar en genoeg werk om mezelf te kunnen onderhouden.”
Dat dat je lukte heeft ook met discipline te maken.
“Ja. Toen ik afgestudeerd was ben ik letterlijk met mijn portfolio onder mijn arm naar de redacties gegaan. Daar heb ik echt keihard voor gewerkt toen.”
Dance Works Rotterdam / Andre Gingras
The Sweet Art of Bruising
2012
© Anna van Kooij

Voor je theaterfoto’s heb je niet met je portfolio hoeven leuren.
“Voor een aantal tijdschriften heb ik koude acquisitie gedaan. De theaterfotografie is echter vanuit de Utrechtse binnenstad gaan lopen, door mond tot mond reclame.”
Dat betekent ook dat je op een bepaalde manier onderscheidt van andere fotografen. Waarin verschilt jouw theaterfotografie? Is podiumfotografie namelijk niet heel erg makkelijk? Het is mooi uitgelicht, alles gebeurt voor je en je hoeft alleen maar te klikken.
Anna schiet in de lach.
“Je hoopt dat ik ga happen! Het is inderdaad niet per se ingewikkeld. Maar je hebt regelmatig te maken met hele lastige en snel wisselende lichtsituaties. Je moet daar technisch wel mee om weten te gaan. Ik heb dat altijd wel leuk gevonden. Niet zozeer de techniek, dat boeit me niet zo. Maar ik vind het wel leuk om intuïtief te reageren op wat er gebeurt. Daar ben ik ook wel goed in. Ik zit ook vrij snel in het verhaal en dan kan ik de kern goed pakken. Meestal zie ik een voorstelling pas voor het eerst op het moment dat ik het fotografeer.”
Maar is het niet handig om vooraf juist wel te weten wat er gebeurt en wat een mooie hoek is?
“Ik ken natuurlijk de strekking van de voorstelling en ik heb vooraf een gesprek over de bijzonderheden wat betreft licht of belangrijke momenten. Een voorstelling vooraf bekijken zit me eerder dwars dan dat het me helpt. Het wordt me wel aangeboden om vooraf te komen kijken, maar behalve dat het heel veel tijd kost functioneert het voor mij niet. Dat verrassingsidee werkt bij mij heel goed. Het houdt me scherp als ik niet alles van te voren weet.”
De vraag was eigenlijk hoe jouw foto zich onderscheidt van een andere foto.
“Er is denk ik nog wel iets belangrijks. Maar dat heeft niet zozeer met techniek te maken, maar meer met hoe ik omga met mijn opdrachtgevers. Ik ben heel erg stipt. Als iets op een bepaald moment af moet zijn, dan is het ook af. Ik haal geregeld nachten door omdat iets af moet zijn. Ik kan snel werken en ik houd me altijd aan mijn afspraken. Daarom ben ik in de podiumfotografie ook minder bang voor amateurfotografen. De klant moet ervan op aan kunnen dat de fotograaf goede foto’s aanlevert, maar ook het traject ervoor en erna en de communicatie zijn belangrijk. En soms een klant meehelpen als die iets vergeet.”
Frascati
Catoke Kramer – Invasion
2011
© Anna van Kooij

Dat ben jij als opdrachtnemer. Maar Sanne Peper bijvoorbeeld maakt een andere foto dan jij maakt. Hoe herken je jouw foto’s? Kan dat überhaupt wel binnen theaterfotografie?
“Ik denk het wel. Ik zit heel erg op de scherpte, ik ben een enorme pietlut als het daarom gaat. Over het algemeen bevries ik de beweging. Dat is wel mijn stijl. In die bevriezing van de beweging geef ik nog wel de dynamiek weer. Daar heb ik me in de afgelopen tien jaar wel in ontwikkeld. Mijn eerdere werk, dat merkte ik ook bij het samenstellen van de jubileumexpositie, waren meer stillevens. Nu slaag ik er ook in om de expressie goed in de foto te laten zien, ondanks de scherpte. Voor mij is de compositie ook erg belangrijk. Alles moet goed in balans zijn. Ik vind het belangrijk dat het mooie plaatjes zijn om naar te kijken.”
In hoeverre kun jij je foto’s inhoudelijk sturen?
“Dat is interessant om over na te denken. Soms ben ik bijna bezig met het vormgeven van stillevens binnen een voorstelling. Zo’n foto wordt dan een beeld op zich. Die foto’s zouden geboetseerd kunnen zijn door mij in een studio of waar dan ook. Dat is wel kenmerkend voor mijn stijl. Het zijn soms bijna autonome beelden.”
Dus toch een beetje de kunstenaar?
“Een voorstelling puur registreren kunnen veel mensen. Maar je trekt het naar een hoger plan als je ook je eigen handtekening kunt laten zien.”
Vertel je dan ook, zoals bij autonome fotografie, je eigen verhaal?
“Je probeert wel een beetje je eigen verhaal te vertellen door bijvoorbeeld de hoek die je kiest, het moment dat je afdrukt, maar vooral de selectie achteraf. Van de foto’s die ik maak kun je tien verschillende selecties maken die allemaal een ander verhaal vertellen. Het is dan niet per mijn persoonlijke verhaal in de zin van mijn levensloop, maar het vertelt wel hoe ik naar een voorstelling kijk.”
De foto’s laten dus zien wat de voorstelling met je doet.
“Dat zie je in de foto’s terug ja. Ik leg vast wat het met mij doet. Dat is misschien ook wel een reden dat ik voorstellingen graag in één keer fotografeer zonder ze al gezien te hebben. Ik moet helemaal in een voorstelling zitten en meeleven met wat er gaande is. Ter plekke ontroerd raken, meelachen of desnoods meehuilen en dan kan ik het goed vastleggen. Dat lukt bij een tweede keer niet, dan kan ik niet goed meer in contact komen met waar het mij om gaat, want dan heb ik het al een keer beleefd.”
Springdance
Ivo Dimchev / Franz West – I-On
2012
© Anna van Kooij

Hoe heb jij je ontwikkeld in de tien jaar? Je bent dynamischer gaan fotograferen. Zijn er andere ontwikkelingen?
“In het werk misschien niet. Zou het niet zo snel weten eigenlijk. Ik werkte eerder meer voor kleinere groepen en nu vaker ook voor grotere productiehuizen. Dat is voor mij persoonlijk wel een verschil. Het is mooi om naast de fotografie voor productiehuizen soms ook bij echt grote producties betrokken te zijn.”
Wat is daar zo mooi aan?
“Via mijn werk voor de afdeling educatie van Het Muziektheater Amsterdam ben ik zijdelings betrokken bij voorstellingen van Het Nationale Ballet. De enorme technische kwaliteit is prachtig. Niet alleen van de dansers, maar ook van de decors en de kostuums. Alles. Ik kom wel eens backstage in de catacomben van Het Muziektheater en zie dan het ballet repeteren. Daar loop je langs, je ruikt het zweet. Je ziet hoe ongelofelijk veel mensen op de kostuumafdeling werken, hoe een decor in elkaar zit. Ik vind dat eindeloos fascinerend. Vroeger zag ik het met mijn ouders in de grote zalen vanuit het rode pluche, maar als je er zelf tussendoor loopt dan is dat geweldig. Misschien vind ik het, als ik ooit twintig jaar grote voorstellingen fotografeer minder spannend, maar nu zeker nog wel. Ik zou het wel meer willen doen.”
Dat wordt lastig met alle bezuinigingen op cultuur.
“Ik ga dat wel merken ja. Nu heb ik het nog steeds heel druk. Maar vanaf het nieuwe jaar verandert dat wellicht. Een aantal opdrachtgevers heeft al aangegeven te moeten stoppen. Als er grote gaten vallen moet ik harder gaan zoeken. Maar ik heb wel besloten om binnen de culturele sector te blijven fotograferen. Dat past het beste bij me. Er gaat wel het een en ander veranderen, maar  ik maak me niet direct grote zorgen. Ik heb er vertrouwen in dat ik wel een oplossing kan vinden als het moeilijk wordt. Dat heb ik op de aki wel geleerd.”
De jubileumexpositie van Anna van Kooij is nog tot en met 28 oktober te zien in het stadhuis van Utrecht. Meer informatie over openingstijden is te vinden op de site van de gemeente.


Bekijk ook deze items