terug

H4D-31: Stap in het middenformaat

De H4D-31 is Hasselblads nieuwste instapmodel. De camera biedt alle techniek van zijn grotere broers en meer pixels dan de beste kleinbeeldcamera’s. En dat voor een prijs die niet veel hoger ligt dan de duurste kleinbeeldmodellen.
Middenformaatapparatuur, met name van Hasselblad, is nooit goedkoop geweest, maar ging wel lang mee, behield zijn waarde en bleef altijd een voorsprong houden op kleinbeeld omdat er dezelfde films in gingen, maar dan groter. Digitaal middenformaat was echter nog veel duurder dan analoog middenformaat en verouderde veel sneller omdat bijna ieder jaar nieuwe achterwanden uitkwamen met steeds meer pixels en mogelijkheden. Dat maakte het middenformaat alleen aantrekkelijk voor fotografen die de hoge aanschafprijs in korte tijd konden terugverdienen.
Tegelijk werden fullframe digitale kleinbeeldcamera’s zo goed dat veel fotografen niet meer nodig hadden en verschenen er Japanse digitale middenformaatcamera’s met relatief kleine prijskaartjes. Voor Hasselblad werd het hoog tijd voor een passend antwoord, en dat is er nu in de vorm van de H4D-31.

Drie delen

De H4D-31 is een camera uit drie delen: de achterwand, de zoeker en het camerahuis. De vormgeving gaat terug op het allereerste H-model en lijkt alleen in details te verschillen. Het allergrootste verschil is wel dat Hasselblad vanaf de H3 ervoor heeft gekozen er een gesloten systeem van te maken.
De achterwand is eventueel los te gebruiken op een technische camera, maar het cameragedeelte werkt alleen met de meegeleverde achterwand. Dat maakt het systeem iets minder flexibel, maar zorgt er wel voor dat achterwand en camera optimaal op elkaar afgesteld kunnen worden. Dat zou de garantie moeten zijn voor een constante, hoge beeldkwaliteit.
Het hart van de H4D-31 bestaat uit de achterwand met een sensor van 33×44 mm met 31 Mp. Dit is niet de grootste sensor die Hasselblad levert, maar qua oppervlakte is hij nog altijd bijna 70% groter dan kleinbeeld. De sensor beschikt niet over een anti-alias filter wat de scherpte van de beelden ten goede komt. Daar staat tegenover dat er bij bepaalde stoffen en onderwerpen weleens moiré kan optreden. Wanneer dat gebeurt, moet deze softwarematig worden weggerekend.
De gevoeligheid loopt van 100 tot 1600 iso. De achterwand wordt gevoed vanuit de camera. Wanneer de achterwand los gebruikt zou worden op een technische camera in de studio, dan is het meest praktisch om deze te voeden via de Firewire aansluiting.
Het voordeel van de vergaande integratie van achterwand en camerahuis is dat je maar één batterij gebruikt en ook maar één aan-uitknop hebt. Dat klinkt heel logisch, maar dat is niet bij alle middenformaatcamera’s het geval. Zaken zoals de isowaarde en de witbalans stel je gewoon op de camera in. Het is mogelijk om dit op de achterwand in te stellen, maar eigenlijk is dat alleen voor wanneer de back los van de camera wordt gebruikt.

Een portret op 400 iso met available light. In de donkerste partijen is al wat ruis te zien, maar scherpte en detaillering zijn fraai. De zachte onscherpte en korrelachtige ruis geven het beeld een uitstraling alsof hij op film geschoten is. Voor een aantal fotografen die op digitaal middenformaat werken is dat een van de redenen om voor dit formaat te kiezen.

Menugestuurd

Wat minder prettig is aan de Hasselblad is dat de camera erg menugestuurd is. Bovenop de handgreep, die tevens batterij is, zit het display met daaromheen een zestal knopjes. Je begint met het kiezen van een functie door op een ervan te drukken. Zit je eenmaal in die functie, dan gebruik je diezelfde knoppen bijvoorbeeld voor het bevestigen van een keuze. Die dubbele functies van de knopjes zorgen ervoor dat de camera wat lastig is in te stellen terwijl je door de zoeker kijkt.
Een ander minpuntje is dat onder aan de voorzijde knoppen zitten voor de spiegelopklap en scherptedieptecontrole waarvoor je lange vingers of grote handen nodig hebt. Daar staat tegenover dat de handgreep wel lekker groot en dik is en veel grip biedt. Op het prisma zitten nog twee knoppen voor de belichtingscompensatie en voor de programmakeuze.
Ook zit er een opklapbare flits op het prisma. Voor veel fotografen is een opklapflits een kenmerk van amateurcamera’s. Maar de H4D is toch echt een 100% professionele camera. Die opklapflits zit er op de H4D niet voor de autofocus. Daarvoor heeft hij inmiddels een helder wit instellicht op de handgreep. Die flits is er gewoon voor als je eens een snel invulflitsje nodig hebt. En dat is best handig.

Van links naar rechts: iso 100, 400 en 1600. Dit zijn kleine uitsnedes, en dus al behoorlijk vergroot. Toch zie je bij iso 400 maar nauwelijks korrel, en in druk vermoedelijk al helemaal niet. Zelfs iso 1600 is nog goed bruikbaar als de nood aan de man komt. Niet slecht voor een middenformaatcamera.

Beeldkwaliteit

Camera’s als de H4D koop je natuurlijk vooral vanwege de beeldkwaliteit. De sensor levert op 100 iso een fantastische kwaliteit. Bij 400 iso ga je op 100% al wel iets van ruis zien, maar het is nog minimaal en lijkt bijna op een klein filmkorreltje. Aan scherpte lijkt het beeld nauwelijks in te boeten. Wel merk je bij het bewerken van beelden dat de speelruimte voor het lichter maken van schaduwpartijen duidelijk afneemt naarmate je hogere isowaardes gebruikt. Dat is niet onlogisch, maar wel iets om rekening mee te houden. Naarmate de isowaardes hoger worden, moet je dus extra uitkijken met onderbelichting.
Naast de sensor, is de kwaliteit van de scherpstelling uiteraard ook van invloed op de kwaliteit van het beeld. Wanneer je met een 80 mm een portret maakt, heb je bij volle opening ongeveer twee tot vier centimeter scherptediepte. Dat hangt een beetje van de opnameafstand af. Wanneer de autofocus op anderhalve meter afstand een centimeter ernaast zit, dan zijn de ogen niet meer perfect scherp en leid je de blik van de kijker naar het puntje van de neus van je model.

De Hasselblad H4D heeft een groot aantal knopjes waarvan sommige meerdere functies hebben. Dat vergt enige gewenning. De belangrijkste zaken zoals belichtingscompensatie en AE-lock hebben wel een aparte knop. De grote zoeker geeft een ruim beeld waar geen kleinbeeld -de naam zegt het al- tegenop kan.

True Focus

Tijdens de testopnames bleek de Hasselblad echter feilloos scherp te stellen. De autofocus werkt dus goed en het systeem bleek prima te zijn afgesteld. Een bijzonderheid van het autofocussysteem is wat Hasselblad ‘True Focus’ noemt. De H4D heeft maar een scherpstelveld. Wanneer je onderwerp niet in het midden van het beeld staat, moet je de camera eerst verdraaien om scherp te stellen en daarna weer terugdraaien om de compositie goed te krijgen. Wanneer je dit doet met korte brandpunten bij grote diafragma’s, dan is de kans groot dat de afstand tot het onderwerp anders is dan waarop de lens staat ingesteld. True Focus detecteert dit soort camerabewegingen en corrigeert de ingestelde afstand.
Het systeem lijkt in de praktijk redelijk te werken, al blijft het lastig bij fotografie uit de hand om vast te stellen of een afwijking wordt veroorzaakt door het systeem of door de gebruiker. Wie echter het optimale uit een camera als de Hasselblad H4D zou willen halen, zou eigenlijk gebruik moeten maken van een goed statief. En dan zal de voorkeur al snel vallen op handmatig scherpstellen.
De H4D-31 is met een prijskaartje van net geen € 10.000 zonder belasting natuurlijk geen instapmodelletje dat je er even bij koopt. Voor een systeem als dit kies je heel bewust, omdat je op zoek bent naar de ultieme beeldkwaliteit. Goed gebruikt, haal je onder de juiste omstandigheden een kwaliteit waar kleinbeeld nog niet aan kan tippen. En de prijsverlaging brengt de camera toch weer dichterbij, voor wie er altijd een heeft willen hebben.


Bekijk ook deze items