terug

Nikon D3S: Fotograferen zonder licht

We willen graag bij bestaand licht fotograferen, om wat voor reden dan ook. Bij digitale fotografie bepaalt de sensorfabrikant de grenzen. Nog niet zo heel lang geleden lag die grens ook bij ISO 1600, al was dat toen al beter dan film. Met de Nikon D3 was ineens ISO 6400 ook prima bruikbaar. Nu met de D3S komen we boven de ISO-norm uit, tot een equivalent van ISO 102.400. Een absurd hoog getal.

Bevriezen

Die hoge gevoeligheden zijn niet zozeer bedoeld om nog met 1/30s bij f/1.4 uit de hand te kunnen fotograferen, maar om bruikbare belichtingstijden en diafragma’s te krijgen. Zodat niet alleen de trillingen van camera en fotograaf worden bevroren, maar ook de bewegingen van het onderwerp zelf met voldoende scherptediepte. Want met digitale fotografie hebben we de neiging helemaal in te zoomen en dan valt iedere beweging of onscherpte op. Daar hebben we doorgaans een hekel aan. En flitsen is niet altijd mogelijk of gewenst. Zoals bijvoorbeeld bij een concert of een race in de nacht.

Bizar

Fotograferen bij een hoge gevoeligheid is wel tamelijk bizar. Tijdens een optreden van jazzmuzikant Tom Beek in een donkere kroeg in Utrecht, kon ik met een 200mm nog comfortabel uit de hand fotograferen bij ISO 12.800. Ik kon zelfs het diafragma nog wat dichtdraaien voor iets meer scherptediepte. Uiteindelijk fotografeerde ik bij 1/320s en f/4. Bij ISO 1600 zou ik veel meer moeite hebben de bewegende saxofonist met een telelens scherp vast te leggen, ik zou dan uitkomen op 1/80s en f/2.8. De beeldstabilisatie in het objectief zou mijn eigen beweging wel enigszins kunnen compenseren, maar niet die van de artiest.

Door de hoge gevoeligheid ben je vrijer om te spelen met scherptediepte en wel of geen bewegingsonscherpte. Dat is pure winst. De beperking bij welk licht je kunt fotograferen, wordt nu eerder bepaald door de autofocus. Bij weinig licht is er op een gegeven moment gewoonweg te weinig contrast.

De scherpte ten opzichte van de Nyquest-frequentie in de 70mm-stand. Echt heel hoog wordt de scherpte niet, maar dat is bij een telezoom vaker zo en wat minder problematisch. De randen (groen) en hoeken (oranje) blijven iets achter bij het centrum (blauw), maar dat stoort zelden in de praktijk.

Sensor

Om de hoge gevoeligheid mogelijk te maken, is de D3S uitgerust met een nieuwe sensor. Die heeft, gelukkig, niet meer pixels gekregen. Gewoon net als de voorganger 12 miljoen effectief bruikbare pixels. Dat zijn er genoeg voor de fotojournalist, vind ik. De pixels zijn relatief groot, groter dan bij bijvoorbeeld de D3X of de naaste concurrent van de D3S, de Canon EOS-1D Mark IV.

Dat is in theorie gunstig voor de signaal/ruisverhouding. De D3S stelt zeker niet teleur, verre van dat zelfs. De D3 was al behoorlijk indrukwekkend, met bruikbare resultaten bij ISO 6400, de D3S gaat minstens een stop verder. Ik zou zelfs ISO 25.600 nog gewoon durven gebruiken. Daarboven wordt de ruis wat te dominant en lever je scherpte in, maar voor noodgevallen zijn ook de uiterste waarden nog te gebruiken.

Tot ISO 6400 loopt de scherptecurve akelig vlak, daarna zakt hij geleidelijk in. Ik heb geregeld in de EXIF moeten kijken of ik echt wel bij die hoge gevoeligheden had gefotografeerd, zeker tot ISO 12.800 is het indrukwekkend. Beter dan ISO 3200 bij de topreflexen van nog maar een paar jaar oud. Meer lichtgevoeligheid vind ik nu een zinvollere ontwikkeling dan steeds meer pixels op de sensor. Een grote vooruitgang vind ik de stofreductie: de sensor kan nu zelf stof van het oppervlak schudden. Dat scheelt een hoop retoucheren.

Het is best indrukwekkend hoe goed ISO 1600 is. Niet alleen zie je bijna tot geen ruis; ook het dynamisch bereik is prettig groot. De beeldstabilisatie bewijst hier overigens goede diensten.

Crop

Uiteraard heeft de D3S een zogenaamde fullframe-sensor. Ideaal voor de fotojournalist die graag met groothoek werkt, iets minder voor de sport- en natuurfotograaf die juist in het telegebied werkt. Om die laatste tegemoet te komen, kent de D3S net als de D3 ook een zogenaamde DX-crop, waarmee een uitsnede van 1,5x wordt gekregen. Nadeel is dan weer dat je maar iets meer dan 5 miljoen pixels overhoudt, dat is wat krap.

De D3S kent nu ook een tussenvariant waarbij je een 1,2x crop hebt. Een mooi compromis tussen iets meer tele en voldoende resolutie. Je houdt namelijk nog ruim 8 miljoen pixels over. En dat is voldoende voor het meeste drukwerk. In tegenstelling tot de DX-crop wordt de maximale beeldsnelheid bij de 1,2x crop niet verhoogd tot elf beelden per seconde. Je moet het met negen beelden per seconde zien te rooien, het lijkt mij niet echt een probleem. Je bent immers toch vooral fotograaf.

Buffer

De beeldsnelheid is ongewijzigd, maar er passen nu wel twee keer zoveel foto’s in de buffer van de D3S. Dat zijn dan ongeveer 40 gecomprimeerde RAW-beelden. Niet echt een grens waar je snel tegenaan zult lopen, denk ik. Zeker niet als je geheugenkaarten gebruikt die UDMA6 ondersteunen, want dan worden de foto’s rap weggeschreven. In JPEG zul je door kunnen blijven fotograferen, totdat je aan de enigszins vreemde beperking komt van maximaal 130 opnamen. Meer laat de D3S niet toe in een burst. Dat hoeft geen bezwaar te zijn, wanneer maak je nu zoveel opnamen achter elkaar? En vooral: waarom zou je dat doen?

Stil

Naast de snelle standen kun je ook gewoon rustig een opname per keer maken. Bij de D3S is daar nu ook een stille stand bijgekomen. Daarbij blijft de spiegel opgeklapt tot je de ontspanknop weer loslaat. De spiegel gaat dan rustiger naar beneden, waardoor het geluid beperkt wordt. Samen met de hoge gevoeligheid een fijne stand om mee te werken bij theaterfotografie of tijdens een congres, waar je vooral niet te veel wilt opvallen.

Echt stil ben je pas bij het gebruik van Live View, omdat dan de spiegel opgeklapt blijft. De D3S heeft voor Live View nu een aparte knop achterop de camera, waarmee het veel toegankelijker is geworden. Door bij de multiselector in het midden te drukken, start je het filmen. Je hebt geen handleiding nodig om daaruit te komen. Het filmen gaat met een lagere resolutie dan bij Canon, namelijk 720p. Je kunt ook de hoogste gevoeligheden gebruiken met filmen en dat is best indrukwekkend, zoals Thed Lenssen ook al aangaf in het vorige nummer van P/f. Om alles handmatig in te stellen, moet je de D3S in de zogenaamde statiefstand zetten. Ik vind dat een beetje onhandig en ingewikkeld, dat kan logischer.

Een uitsnede van de testkast bij ISO 1600, 12.800 en 102.400 (van links naar rechts). De hoogste gevoeligheid is goed voor nood, ISO 12.800 kan gewoon worden gebruikt.

Bediening

Voor de rest is er niet heel veel te klagen. Er is ook niet zoveel veranderd ten opzichte van de D3. Ook de scherpstelling is gelijk gebleven. Die is ook gewoon goed, althans de gewone autofocus. Het blijft mooi de velden het onderwerp te zien volgen in de zoeker.  Steeds als ik een Nikon in mijn handen heb, merk ik weer hoe fijn ik de methode om de scherpstelvelden te wijzigen vind. De grote tuimelschakelaar is veel prettiger dan een kleine joystick. Dat in combinatie met de twee instelwielen voor diafragma en sluitertijd onder handbereik vind ik nog altijd onverslaanbaar.

Jammer dat het voorste instelwiel onderaan net wat dieper weg ligt, waardoor ik net iets te vaak misgrijp. Dat zal gewenning zijn. In mijn ogen ondergewaardeerd is overigens de mogelijkheid de instelwielen even uit te schakelen, zodat je niet per ongeluk de sluitertijd en/of het diafragma wijzigt.

Klasse

Nikon heeft een tijdje lijdzaam moeten toezien hoe Canon marktaandeel afsnoepte. Met de D3 verraste Nikon vriend en vijand. Nu was ook de beeldkwaliteit op het niveau dat je verwachtte, zelfs iets daarboven. Bij de D3S heeft Nikon de lat nog wat hoger gelegd. Het is een begerenswaardige camera voor de fotojournalist en de snelle fotografen. Er blijft steeds minder te wensen over.

Tags: EOS Nikon

Bekijk ook deze items